Fiscus mag onrechtmatig verkregen bewijs gebruiken, zelfs na een bewuste bevoegdheidsoverschrijding
Wanneer blijft onrechtmatig verkregen bewijs bruikbaar tijdens een fiscale controle?
De fiscus beschikt over verregaande controlebevoegdheden, maar ook die kennen grenzen. Tijdens een fiscale visitatie mogen controleambtenaren bijvoorbeeld niet met dwang bedrijfslokalen betreden of documenten meenemen tegen de wil van de belastingplichtige. Toch blijkt uit een recent arrest van het Hof van Cassatie van 28 mei 2026 dat een schending van die grenzen niet automatisch leidt tot de uitsluiting van het verkregen bewijs.
Met dit arrest verfijnt het Hof opnieuw de toepassing van de zogenaamde Antigoon-doctrine in fiscale zaken en bevestigt het dat zelfs een opzettelijke bevoegdheidsoverschrijding door de fiscus niet noodzakelijk fataal is voor het bewijs.
Een fiscale visitatie die volledig uit de hand liep
De zaak speelde zich af bij een vennootschap uit Destelbergen die werd geconfronteerd met een aanvullende aanslag in de vennootschapsbelasting van meer dan 273.000 euro.
Tijdens een onaangekondigde fiscale visitatie weigerde de bedrijfsleider elke medewerking. Hij liet zelfs de elektriciteit uitschakelen zodat de controleurs de computers niet konden raadplegen en riep de politie op om de ambtenaren uit het gebouw te verwijderen.
Ondanks dat uitdrukkelijke verzet verlieten de controleurs het gebouw met verschillende klasseermappen over buitenlandse vastgoedprojecten. Net die documenten vormden later de basis voor de aanvullende belastingaanslag.
De vraag was dan ook duidelijk: mag de fiscus bewijs gebruiken dat op die manier werd verkregen?
De Antigoon-doctrine: niet elk onrechtmatig bewijs wordt uitgesloten
In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, bestaat er in het fiscale recht geen algemene regel die bepaalt dat onrechtmatig verkregen bewijs automatisch onbruikbaar is.
Sinds het Cassatiearrest van 22 mei 2015 past het Hof ook in fiscale zaken de Antigoon-doctrine toe. Die houdt in dat onrechtmatig verkregen bewijs slechts wordt uitgesloten in drie gevallen:
- wanneer de wet uitdrukkelijk bepaalt dat een vormvereiste op straffe van nietigheid is voorgeschreven;
- wanneer de onregelmatigheid de betrouwbaarheid van het bewijs aantast;
- wanneer het gebruik van het bewijs onverenigbaar is met het recht op een eerlijk proces.
Bij die laatste beoordeling maakt de rechter een belangenafweging. Daarbij spelen verschillende factoren een rol, zoals de ernst van de onregelmatigheid, de impact op de rechten van de belastingplichtige en het al dan niet opzettelijke karakter van de fout van de overheid.
Een fiscale visitatie is geen huiszoeking
Belangrijk is dat een fiscale visitatie niet gelijkstaat aan een strafrechtelijke huiszoeking.
Het Grondwettelijk Hof bevestigde reeds dat de fiscus geen fysieke dwang mag gebruiken om toegang tot bedrijfslokalen af te dwingen of documenten mee te nemen. Wanneer een belastingplichtige zich verzet, beschikt de administratie wel over andere wettelijke middelen, zoals:
- een administratieve geldboete;
- een aanslag van ambtswege;
- eventuele strafrechtelijke vervolging;
- een melding aan het parket.
Ook bedrijfslokalen genieten immers bescherming onder de Grondwet en artikel 8 EVRM.
Hof van Beroep: onrechtmatig verkregen, maar toch bruikbaar
Het Hof van Beroep te Gent stelde vast dat de documenten inderdaad onrechtmatig waren meegenomen.
Toch besloot het hof dat het bewijs mocht worden gebruikt. Daarbij speelde onder meer mee dat:
- de betrouwbaarheid van de documenten niet werd aangetast;
- de rechten van verdediging behouden bleven;
- de betrokken vennootschap deel uitmaakte van een groep die reeds jarenlang werd onderzocht wegens vermoedelijke fiscale fraude.
Cassatie bevestigt: opzet alleen volstaat niet
Voor het Hof van Cassatie voerde de vennootschap aan dat de Antigoon-toets niet kan gelden wanneer de fiscus zich bewust niets aantrekt van het uitdrukkelijke verzet van de belastingplichtige.
Het Hof volgt die redenering niet.
Volgens het Hof blijft een opzettelijke bevoegdheidsoverschrijding slechts één element binnen de globale belangenafweging. Ze leidt op zichzelf niet automatisch tot bewijsuitsluiting.
Het cassatieberoep werd dan ook verworpen (Cass. 28 mei 2026, F.24.0099.N).
Opvallend verschil met het strafrecht
Het arrest is des te opmerkelijker omdat het Hof van Cassatie in strafzaken eerder een veel strengere lijn heeft gevolgd.
Daar oordeelde het Hof dat een opzettelijke onregelmatigheid of een ernstige bevoegdheidsoverschrijding door de overheid in beginsel wél een schending vormt van het recht op een eerlijk proces en doorgaans leidt tot bewijsuitsluiting.
Hoewel in beide rechtsdomeinen dezelfde Antigoon-doctrine wordt toegepast, blijkt de uitkomst dus aanzienlijk verschillend. In fiscale zaken krijgt het belang van de waarheidsvinding duidelijk meer gewicht.
Mogelijke wetgevende evoluties
Vanuit de fiscale praktijk klinkt steeds meer kritiek op deze rechtspraak.
Wanneer ambtenaren bewust hun wettelijke bevoegdheden overschrijden zonder dat dit gevolgen heeft voor de bruikbaarheid van het bewijs, rijst de vraag of de rechtsbescherming van belastingplichtigen voldoende gewaarborgd blijft.
Niet toevallig bevat het federale regeerakkoord reeds plannen om zowel de fiscale visitatie als de toepassing van de Antigoon-doctrine wettelijk te verduidelijken in het kader van het aangekondigde antifraudeplan.
Wat betekent dit concreet voor ondernemingen?
Deze rechtspraak bevat enkele belangrijke lessen voor ondernemingen.
Een fiscale visitatie blijft geen huiszoeking. De fiscus mag zijn controlebevoegdheden niet met dwang uitoefenen, maar een weigering tot medewerking sluit niet uit dat later toch gebruik wordt gemaakt van het verkregen bewijs.
Daarom is een goede voorbereiding essentieel. Ondernemingen doen er goed aan vooraf duidelijke interne afspraken te maken over wie controleurs ontvangt, welke documenten mogen worden ingezien en hoe eventuele procedurefouten onmiddellijk worden vastgesteld en gedocumenteerd.
Een correcte reactie tijdens een fiscale controle kan later immers een doorslaggevende rol spelen in een administratieve of gerechtelijke procedure.
Besluit
Met zijn arrest van 28 mei 2026 bevestigt het Hof van Cassatie dat de Antigoon-doctrine ook in fiscale zaken ruim wordt toegepast. Zelfs wanneer de fiscus bewust zijn controlebevoegdheden overschrijdt, leidt dit niet automatisch tot de uitsluiting van het verkregen bewijs.
Voor ondernemingen onderstreept dit arrest het belang van een doordachte voorbereiding op fiscale controles en een onmiddellijke juridische beoordeling wanneer zich tijdens een visitatie onregelmatigheden voordoen.


